Eigenwijs

Een speerpunt van de school is: ’n kans voor ieder kind van 0 tot 13.

Dit betekent dat we ook de meer- en hoogbegaafde leerlingen op deze school de juiste kansen willen bieden. Uit onderzoek van het Centrum voor Begaafdheidsonderzoek (CBO, 2007) blijkt dat 10% van alle leerlingen op school kenmerken van hoogbegaafdheid bezit.

Op KC ’t Wikveld wordt een protocol voor meer- en hoogbegaafde leerlingen gehanteerd. De begeleiding van deze groep leerlingen wordt voornamelijk in de klas uitgevoerd en richt zich vooral op het compacten en verrijken van de lesstof. Meerbegaafde leerlingen hebben minder behoefte aan oefenstof. Zij hebben juist behoefte aan grotere leerstappen. Deze kinderen maken daarom minder regulier werk. Dit noemen we compacten. In plaats van een deel van de reguliere leerstof krijgen de kinderen verrijkingsstof en verrijkingsmateriaal aangeboden. Dit zijn opdrachten met een uitdagender karakter. Het materiaal sluit aan bij het ontwikkelingsniveau van het kind. Voorbeelden van materialen/methodes die we hanteren zijn: Acadin, techniektorens en de eigenwijskaart (een verzameling van verschillende verrijkingsmethodes zoals rekentijgers en plustaak.)

In de Plusklas komen meerbegaafde kinderen vrijwel wekelijks bij elkaar om samen te werken aan specifiek op meerbegaafden gerichte doelen en vaardigheden.

* Het aanspreken van zoveel mogelijk kwaliteiten van leerlingen en deze samen met hen tot ontwikkeling brengen.

* De kennis en vaardigheden van de leerlingen ten volle ontwikkelen, naar eigen vermogen.

* De plusklas geeft tevens de mogelijkheid om kinderen uit hun 'peergroup' (ontwikkelingsgelijken) te ontmoeten en met deze kinderen samen te werken. Dit biedt een duidelijk meerwaarde in hun ontwikkeling.

* Leren denken: Het aanbod op een basisschool is voor het grootste deel gebaseerd op de “lagere” denkvaardigheden: reproduceren / begrijpen / toepassen en (te) weinig op de hogere denkvaardigheden: Analyseren / Evalueren / Creëren.

* Leren leren: Doordat een hoogbegaafde leerling de lesstof vaak snel doorheeft en weinig hoeft te doen om deze eigen te maken, ervaart deze leerling niet hoe je iets moet leren. (Het komt wel aangewaaid). Tijdens het werken in de plusklas wordt veel aandacht besteedt aan de eigen leerattitude. Het kind leert dat het zelf verantwoordelijk is voor wat hij wel of niet leert en dat iets leren, niet ’vanzelf’ gaat. Door de grenzen van de leerling op te zoeken leert het zijn eigen mogelijkheden, beperkingen en grenzen kennen en leert hier dus mee omgaan. (De sky is the limit, niet het einde van het boek)

* Doelen stellen: Wanneer de kinderen hun eigen grenzen, beperkingen en mogelijkheden ontdekt hebben, leren de kinderen doelen te stellen die passen bij hun eigen verwachtingen en mogelijkheden. Ze gaan nu de vaardigheden ontwikkelen om deze doelen te bereiken.

De plusklas bieden we op dit moment aan vanaf groep 3 t/m groep 8. We hebben de groepen onderverdeeld in groep 3 t/m 5 en groep 6 t/m 8.

Hierin vindt een opbouw plaats naar moeilijkheid en contactmomenten. Het aanbod wordt ingericht door specialisten binnen de school, met daarbij steeds meer centraal de samenwerking met ouders.